Beleid ondernemersfaciliteiten overdrachtsbelasting geactualiseerd

Actuele ondernemersfaciliteiten overdrachtsbelasting

Het ministerie van Financiën heeft een aantal vrijstellingen met betrekking tot overdrachtsbelasting in het bedrijfsleven geactualiseerd en samengevoegd. Dit is onlangs naar buiten gebracht. Wat dit eventueel voor u en uw plannen betekent: ons kantoor licht u graag uitgebreid voor. De materie is te uitgebreid en te complex om hier volledig uiteen te zetten, maar het feit dat er wijzigingen zijn, willen we toch in uw aandacht aanbevelen.

Inbrengvrijstelling 
Aan de vrijstelling in verband met bedrijfsopvolging is hooguit in ‘cosmetisch’ opzicht iets veranderd. Wijzigingen met betrekking tot inbrengvrijstelling gaan iets verder. Volgens de wet is deze vrijstelling alleen van kracht wanneer het ondernemingsvermogen wordt ingebracht in een daartoe nieuw opgerichte vennootschap, maar het inbrengen van een onderneming in een bestaande NV of BV is al sinds 1979 toegestaan. Nieuw: in plaats van één inbrenger kunnen er nu meer inbrengers zijn.

Aanhoudingseis
Ook wat betreft vrijstelling van overdrachtsbelasting bij fusie en splitsing zijn de voorwaarden versoepeld. Wat betreft de voorwaarden van de inbrengvrijstelling is de zogeheten aanhoudingseis niet langer zonder meer van kracht.

  • Het ministerie van Financiën heeft een aantal vrijstellingen met betrekking tot overdrachtsbelasting in het bedrijfsleven geactualiseerd.
  • Bijvoorbeeld: wat betreft de voorwaarden van de inbrengvrijstelling is de zogeheten aanhoudingseis niet langer zonder meer van kracht.

 

(bron:https://www.boekhouderapp.nl/bv-dga/beleid-ondernemersfaciliteiten-overdrachtsbelasting-geactualiseerd/ )

Een goede rittenregistratie, hoe doe je dat?

Wanneer een werknemer de zakelijke auto niet voor privédoeleinden wil gebruiken, is er de mogelijkheid om bij de Belastingdienst een ‘Verklaring geen privégebruik auto’ aan te vragen.

Met deze verklaring moet de werknemer bewijzen dat er op kalenderjaarbasis niet meer dan 500 kilometer privé is gereden. De meest gebruikte manier om dit bewijs te leveren is het bijhouden van een rittenregistratie.

In de praktijk is het bijhouden van een sluitende rittenregistratie de enige manier om het bewijs te leveren dat er maximaal 500 privékilometers met de auto van de zaak is gereden. In de rittenregistratie moeten in ieder geval de volgende gegevens worden opgenomen:

  • Het merk, het type en het kenteken van de auto
  • De periode waarin de auto beschikbaar is geweest
  • Per rit:
    1. de datum
    2. de begin- en eindstand van de kilometerteller
    3. het adres van vertrek en aankomst
    4. de gereden route als deze afwijkt van meest gebruikelijke route
    5. het karakter van de rit (privé of zakelijk)
    6. de privé-omrijkilometers bij een rit met zakelijke en privékilometers

 

Tip: Er zijn rittenregistratie-tools en apps op de markt, welke uw rittenregistratie voor u vastleggen.